Honderden arrestaties nu bij steeds gewelddadiger protest in Tunesië. Wat is daar aan de hand?

analyseTunesië wordt algemeen gezien als het enige democratische succesverhaal onder de landen van de Arabische Lente. Maar toch is het daar nu al drie nachten onrustig door protesten tegen belastingverhogingen, werkloosheid en prijsstijgingen. Die protesten worden ook grimmiger en gewelddadiger en veiligheidstroepen arresteerden zeker driehonderd demonstranten afgelopen nacht. Wat is er aan de hand daar?

Schijn bedriegt: hoewel Tunesië als het voorbeeld wordt aangehaald van verandering in de Arabische wereld, en van hoe wel degelijk een democratie kan worden geïnstalleerd daar, is het sinds de Arabische Lente allesbehalve rozengeur en maneschijn. Sinds de omverwerping van de autoritaire leider Zine el Abidine Ben Ali in 2011 zijn er bijvoorbeeld al negen regeringen gepasseerd, en geen enkele daarvan had een antwoord op de groeiende economische problemen. Bijna de helft van de Tunesiërs is jonger dan 36 jaar en van hen heeft twee derde geen werk. Veel jongeren hebben het idee dat er geen toekomst is voor hen.

Onvrede is erg groot

De onvrede over de economische situatie leidde al tot een enorme stijging in het aantal migranten naar Europa. Zeker 5.000 voornamelijk jonge Tunesiërs stapten in de laatste maanden van 2017 op een bootje naar Italië en dat was meer dan het aantal Tunesische migranten in 2015 en 2016 samen.

Een ander deel, tussen de 6.000 en 8.000 jongeren, sloot zich de afgelopen jaren aan bij Islamitische Staat.

Er zijn in Tunesië wel hervormingen doorgevoerd, maar die leveren niks op. De huidige premier van het land, Youssef Chahed, is de zevende premier in evenveel jaren. Zijn voorgangers moesten opstappen, omdat ze er niet in slaagden om hervormingen snel genoeg door te voeren.

Chahed zag zich gedwongen tot prijs- en belastingverhogingen omdat er anders een gat in de begroting zou ontstaan. In 2015 kreeg het land een miljardenlening van het Internationaal Monetair Fonds. Afgelopen december waarschuwde het IMF dat Tunis maatregelen moet nemen om zijn begrotingstekort terug te brengen.

Toerisme

Om meer inkomsten te krijgen is de toeristische sector van levensbelang. Maar door de opstanden en twee grote aanslagen in 2015 is die sector hard geraakt. In maart 2015 vielen jihadisten het Bardo-museum in Tunis aan, waarbij 22 mensen, de meesten Europese toeristen, werden gedood. In juni van datzelfde jaar schoot een man bij de badplaats Sousse 38 toeristen dood, onder wie 30 Britten.

Soit, verandering blijft uit, het gaat slechter in plaats van beter en het geduld van veel Tunesiërs raakt op. Voor veel Tunesiërs was de druppel die de emmer doet overlopen het feit dat de prijzen van onder meer benzine, telefonie en voedsel omhoog zijn gegaan. Ook zijn de belastingen dus verhoogd.

Volgens de minister van Financiën hebben de verhogingen geen effect op basismiddelen, zoals brood, en zal de economische situatie door de extra belastinginkomsten juist verbeteren. Maar de Tunesiërs zien dat anders en hebben nu besloten om in actie te komen.

#Fech_Nestannew

Maandag brak de hashtag #Fech_Nestannew (Waar wachten we op?) door. Spontaan verplaatste het protest zich van Twitter naar de straat; in tal van steden waren er maandag demonstraties met geweld. In de stad Tebourba kwam een betoger door politie-optreden om het leven. Dat leidde tot nog veel meer protest.

Tientallen mensen raakten gewond. Honderden demonstranten werden opgepakt. Tunesische media berichten over vandalisme en beroving van banken, winkels en politiestations. Ook werd er een molotovcocktail gegooid in een Joodse school, maar het is onduidelijk of dat iets te maken heeft met de protesten. In Djerba, waar de school staat, waren namelijk geen demonstranten op de been.

Leiders van de oppositie kijken nu naar hoe het verder moet met het protest. Maar volgens een van hen, Hamma Hammami, zijn de partijen niet van plan om de straten op te geven voordat de nieuwe belastingplannen ongedaan gemaakt worden. Morgen, vrijdag, zou er een nationale demonstratiedag zijn.

Traangas

Afgelopen nacht zag de regering zich genoodzaakt veiligheidstroepen te sturen naar Thala, bij de Algerijnse grens. Betogers hadden een gebouw van de politie in brand gestoken, vertelden getuigen tegen persbureau Reuters. Agenten zagen zich gedwongen om de stad te verlaten.

Ook in voorsteden van de hoofdstad Tunis was het onrustig. De politie zette daar opnieuw traangas in. In Tunis zelf was een vreedzaam sit-in-protest van studenten in een theater. Later liepen ze in een mars naar het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Behalve naar Thala zijn ook naar andere steden militairen gestuurd, zoals naar het toeristenoord Sousse. Zij moeten onder meer overheidsgebouwen en banken beschermen.

Lees meer