We moeten het toegeven: 26 keer dat ons mama echt wel gelijk had

Moeders overladen je constant moet goede raad, die je meestal niet wil horen. Jouw reactie is dan ook meestal: 

Maar ondertussen moet je toegeven dat ze misschien wel gelijk heeft. En hoe ouder je wordt, hoe vaker dat gebeurt. Zoals: 

1. Elke keer ze zei dat je moet kijken waar je loopt

Jij, toen: afgeleid door vanalles en nog wat. 

Jij, nu: moet er nog regelmatig aan terugdenken ;-)

2. En toen ze je waarschuwde dat je naar het toilet moet gaan voor je vertrekt

Jij, toen: "Maar ik moet niet gaan."

Jij, nu: elke keer. 

3. Of je nariep dat je je regelmatig moet insmeren met zonnecrème

Jij, toen: een keer toen je op het strand arriveerde.

Jij, nu: elke twee uur, minstens. Met factor 30. 

4. Toen ze vroeg om voorzichtig te zijn

Jij, toen: *roll eyes*.

Jij, nu: *een beetje te voorzichtig soms*.

5. Of die keer dat ze je tipte dat je veel water moet drinken als je ging doorzakken

Wat je toen dacht: Zot, wie doet dat nu?

Wat je nu doet: 2 liter water drinken na het uitgaan. 

6. Maar ook die keer dat ze je probeerde te leren de deur dicht te doen

Jij, toen: "Vergeten!"

Jij, nu: alle deuren dicht om geen warmte verloren te laten gaan.

7. Of van alles eens te proeven

Wat je toen deed: *hysterisch wenen*.

Maar je weet nu: dat je sommige smaken moet leren appreciëren.

8. En dat je niet met je mond vol mag praten

Wat je toen deed: praten met je mond vol.

Wat je nu doet: (meestal) niet praten met je mond vol.

9. Toen ze zei dat je een jas moest aandoen / meenemen

Wat je toen zei: "Maar het is zo warm."

Wat je nu weet: Dat het niet warm blijft.

10. "Want als je kou hebt, word je ziek"

Wat je toen dacht: "Jaja, het zal wel".

Wat je nu doet: "Sjaal? Check. Handschoenen? Check. Winterjas? Double check."

11. Toen ze aandrong dat je op tijd moet gaan slapen

Jij, toen: "Slapen is voor kleine kindjes."

Jij, nu: "Slaap is mijn beste vriend."

12. En zei dat je geen douche mag nemen tijdens een onweer

Jij, toen: "Maar ik ben toch binnen."

Jij, nu: *denkt twee keer na*.

13. Toen ze erop wees dat je je afval niet zomaar op de grond mag gooien 

Wat je toen dacht: Maar wat moet ik er dan mee doen?

Wat je nu doet: het in je auto, zakken en handtas laten slingeren ...  ;-)

14. Als ze er bij het shoppen op wees dat iets snel kapot zal gaan

Jij, toen: Whatever!

Maar ondertussen kijk je wel beter uit waar je je geld aan uitgeeft.

15. Of moeilijk te strijken is

Jij dacht toen: "Niet mijn probleem."

Jij weet nu: hoeveel werk het is dus lees je de etiketjes maniakaal.

16. Toen ze waarschuwde dat je nooit met dat speelgoedje ging spelen

Wat je toen zei: "Jawel, mama, ik zweer het, echt waar!"

Wat je nu weet: dat het vijf minuten duurde. 

17. En je probeerde te leren dat je blij moet zijn met wat je hebt 

Wat je toen dacht: "Maar die heeft dat en ik wil dat ook."

Wat je nu weet: dat je écht van geluk mag spreken. 

18. Of dat een hond écht elke avond moet wandelen

Jij, toen: "Maar ik doe het wel, echt, elke avond."

Wat je nu weet: dat je het enkel deed als het niet regende ... én je toevallig zin had om te wandelen.

19. En ook dat je elke avond je tanden moet poetsen

Wat je toen deed: Raprap poetsen om ervan af te zijn. 

Wat je nu doet: Grondig poetsen én flossen. 

20. Elke keer ze erop wees dat je je kamer moet opruimen als je je benen niet wilde breken

Jij, toen: *zucht*.

Jij, nu: even erg. ;-)

21. Elke keer ze je geruststelde over iets dat pijn deed

Jij dacht altijd dat het ernstig was.

Jij weet nu dat het vaak niets is. 

22. Maar ook toen ze zei dat iets niet het einde van de wereld was

Jij, toen: "ONMOGELIJK!"

Maar nu weet je dat het meestal veel erger kan, en ook dat het weer beter wordt. 

23. Toen ze zei dat je in jezelf moet geloven

Wat je toen zei: "Pffffft, daar ben ik niets mee."

Wat je nu weet: Zo, zo waar. 

24. Maar ook dat je andere mensen moet aanvaarden zoals ze zijn

Jij, toen: ZUCHT.

Jij, nu: *probeert*

25. Er was natuurlijk ook die keer dat ze zeer eigenaardig liefdesadvies gaf

Jij wilde hem toen natuurlijk nog meer.

Jij weet nu dat ze een punt had. 

26. En vaker dan je je wil herinneren: "Let op mijn woorden, je zal zien dat ik gelijk heb"

Jij, toen: "Jaaaaa, mama." (zaag)

Jij, nu: Sh*t, ze heeft gelijk. (grrr) (;-))

Dus ja, je moet het haar gunnen:  

Maar uiteindelijk wilde ze maar één ding: 

En dat is exact wat ze jou heeft geleerd ... Dank u mama! 

Lees meer